Chopin en de hogere wereld

Wat is nou precies dat edele, of vooruit: koninklijke gevoel dat Chopins muziek zo typeert? Waarom raakt, of vooruit: ontroert me dat altijd zo?
Het is alsof hij, met zijn melancholieke temperament als zintuig en gereedschap, het menselijke blootstaan aan de invloeden van de zintuigelijke wereld (met alle ‘verrukkingen’ enerzijds en ‘teleurstellingen’ anderzijds) omvormt tot bewegingen die het gemoed in overeenstemming proberen te brengen met een spiritueel-geestelijk gebied dat achter al die turbulentie ligt, en je herinnert aan je oorsprong.

Anders gezegd: er vindt in zijn muziek een innerlijke metamorfose plaats waarin alle mogelijke gemoedsbewegingen oplossen tot een ongevormde substantie, een kiem, die vernieuwing van mogelijkheden in zich draagt.

Wat dat betreft is zijn muziek in zekere zin vergelijkbaar met de zogenaamde preparaten uit de biologisch-dynamische landbouw. Deze preparaten (letterlijk vertaald: voorbereidselen) werken als bemiddelaar tussen landbouwgrond en gewassen, en iets dergelijks doet Chopins muziek voor de ziel, als bemiddelaar tussen lichaam en geest 1).
Frappant detail is dat Chopin van Poolse afkomst is, en dat Rudolf Steiner de zogenaamde ‘landbouwcursus’ (waarmee hij de grondslag legde voor de biologisch-dynamische landbouw) in Polen hield.
Eén van de uitgangspunten van deze vorm van landbouw is dus het gebruik van preparaten, waarin dierlijke en plantaardige elementen worden samengevoegd, en/of door ritmische beweging worden ‘gepotentieerd’ of ‘gedynamiseerd’ 2). Dat laatste verwijst in zekere zin ook naar de gelijknamige “Dynamis”, of Geesten van de Beweging 3).
Chopin als romantische vertegenwoordiger van de geestelijke hiërarchie van de Dynamis, maar ook als een soort biologisch-dynamische landbouwer in het gebied van de ziel.

Door het voortdurende zoeken naar de veredeling, naar de omvorming van gemoedsbewegingen tot een ongevormde innerlijke substantie die drager kan zijn van iets nieuws, schept Chopin in zijn muziek steeds een zekere ordening in het gevoelsleven, die tot transparantie leidt. Vertroebelingen worden helder, heftige bewogenheid komt tot rust, stilstand komt in beweging. Hij potentieert het zieleleven, en maakt het daarmee ontvankelijk voor indrukken van iets wat ik bij gebrek aan beter “iets hogers, iets ideeëls” noem.

Ik besef met de jaren steeds meer en vaker, dat ik zijn muziek niet kan spelen, met uitzondering van een paar eenvoudigere dingen. En als je Chopin niet kan spelen ben je geen pianist. Maar dat is een te stellige, te sombere, te teleurgestelde uitspraak. Misschien toch maar weer even wat Chopin spelen om harmonie te brengen in deze gemoedstoestand, zodat ik kan gaan beseffen dat het geen treurnis is om geen pianist te zijn, maar dat het mogelijkheden opent. Ik weet al welk stuk het wordt, want ik voel het in me omhoog komen: de zachte melodie en troostrijke harmonie dienen zich al aan. Een volgende keer zeg ik om welk stuk het gaat. Want ik ben nog niet klaar met Chopin en de hogere wereld.


1) Ik loop vanzelfsprekend het gevaar om met begrippen als ‘hogere wereld’, ‘ziel’, ‘geest’, ‘hiërarchieën’, e.d. als een wereldvreemde zonderling over te komen, die totaal niet op de hoogte is van de gangbare wetenschappelijke opvattingen die het bestaan van al deze dingen afwijzen, of van de modernere filosofische theorieën die al deze begrippen en daaraan gekoppelde wereldbeelden zien als voortbrengselen van chemische processen in het lichaam, derhalve als illusies van vrijblijvende of onderhoudende aard. Maar ik ben ten dele wel degelijk op de hoogte van deze wetenschappelijke en filosofische opvattingen, en het is dan ook als provocatie te beschouwen dat ik het hier over dergelijke begrippen heb alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. Naar mijn mening zou het dat namelijk moeten zijn: de gewoonste zaak van de wereld.

2) Dit is een sterk versimpelde weergave van wat preparaten zijn. Zie voor een voorbeeld van onderzoek naar de werking van potentiëring het artikel (pdf) over “De werking van gepotentieerd goud, biologisch-dynamische spuitpreparaten en menselijke aandacht op bomen” van Joke Bloksma, voor het Louis Bolkinstituut, uit 1996.

3) In de christelijke en ook esoterische literatuur wordt uitgegaan van een kosmische ordening in 9 hiërarchiën van boven de mens staande geestelijke wezens, met bovenaan de Serafijnen (“Geesten van de alomvattende liefde”) en onderaan de Engelen (“Zonen van het leven”). De hiërarchie van de Dynamis (“Geesten van de beweging”) zit in het midden (voor zover je daarvan kan spreken) van deze 9-voudige reeks hiërarchiën.

1e (hoogste) hiërarchie:
Serafijnen (Geesten van de alomvattende Liefde)
Cherubijnen (Geesten van de Harmonie)
Tronen (Geesten van de Wil)

2e (middelste) hiërarchie:
Kyriotetes (Vorstendommen) (Geesten van de Wijsheid)
Dynamis (Machten) (Geesten van de Beweging)
Exousiai (Krachten) (Geesten van de Vorm)

3e (onderste) hiërarchie:
Archai (Heerschappijen) (Geesten van de Persoonlijkheid)
Aartsengelen (Vuurgeesten)
Engelen (Gezanten, Zonen van het Leven)

In moderne Europese esoterische opvattingen zal de mens uiteindelijk de 10e hiërarchie gaan vormen, die van de Vrijheid.
Dat je het even weet.

Reageren? Graag!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.