Chopin en de wetenschap van de ziel

Dat romantiek over verwonding gaat. En dat de romanticus verwondering vooruit stuurt in het waarnemen van de wereld. En dat uit de verwondering de verwonding ontstaat. Dat die verwonding gezocht wordt, vanuit de verwondering.

De verwonding van de ziel wordt gezocht door de romanticus, bijna als een wetenschappelijke houding, maar dan een wetenschap van de ziel.
De ziel moet bevraagd worden, tot aan zijn grenzen worden opgezocht, door zijn grenzen heen worden verwond, zodat daarna genezing kan worden gevonden. Genezing van de ziel? Nee: genezing van een te grote gebondenheid van de ziel aan het aardse. Verwonding is loskomen van gebondenheid.

Het innerlijke verwonden van de ziel als zoektocht naar een menselijk gebied dat boven die ziel uitgaat, en gezocht wil worden, ook al zegt ‘de’ wetenschap dat zo’n gebied niet bestaat, dat zelfs de ziel als reëel bovenzinnelijke entiteit niet bestaat. De romanticus legt dat naast zich neer.

Romantiek is religieus, zoekt de verbinding met iets ‘hogers’, iets anders, iets dat buiten de ervaarbare werkelijkheid ligt, want het kan niet zo zijn, zegt de romanticus, dat wijsheid en schoonheid van de wereldordening, noch de herkenning van de medemens, of het aanvoelen van betekenis in het bestaande, op louter toeval berust, of terug te voeren is op chemische brij die door willekeurige en mechanische natuurwerkingen tot bewustzijn in levensvormen heeft geleid. Ook dit legt de romanticus naast zich neer.

Romantiek is spiritualiteit die niet alternatief is, niet naast iets anders kan bestaan, omdat zij alomvattend, en de ziel wereldomvattend is. Wat de één eeuwige geest noemt, de ander boeddhisme, antroposofie, channeling, kabbala, vedanta, soefisme, rozenkruisers, zoroastrisme of wat dan ook, noemt de romanticus: “Ik ben in de wereld, en ik ga eruit breken.” Zonder gids, zonder goeroe, zonder externe hulpbronnen. Alleen het eigen gevoelsleven is leidend, en hoe dit voedsel voor het denken geeft. De zintuigelijke waarneming wijst de weg naar de innerlijke verwonding, en de ziel schept uit de verwonding de genezing, waarbij genezing het binnenkomen in een nieuw gevonden wereld is.

De romantische kunst is daarmee zowel inhoudelijk als historisch een voorbereiding op of voorstadium van inzicht in hogere werelden, zoals dat in een boek als “De weg tot inzicht in hogere werelden”1) systematisch wordt uiteengezet als meditatieve oefenweg. De 19e-eeuwse “wetenschap van de ziel” die door de romanticus wordt aangereikt, wordt aan het begin van de 20e eeuw in dank aangenomen en verder ontwikkeld tot “wetenschap van de geheimen der ziel”.

Maar eerst, midden in de romantiek, en tastend naar deze geheimen van de ziel, vinden we Chopin. En hoe grenzend aan de krachteloosheid van sentimentaliteit zijn muziek soms kan zijn, hij zal je nooit ongenezen, d.w.z. zonder nieuwe wereld in jezelf, achterlaten.

En dit alles, al dit geschrevene, komt voort uit de gemoedsbewegingen die in mij ontstonden tijdens het doorspelen van Chopins pianocompositie die ik in “Chopin en de hogere wereld” al beloofde te noemen, en die ik dan een volgende keer zal noemen en niet nu, uit een plotselinge voorkeur voor dubbele cliffhangers.


1) Nederlandse vertaling van Rudolf Steiners in 1904/1905 geschreven en gepubliceerde boek “Wie erlangt man Erkenntnisse der höheren Welten” (Vrij Geestesleven, 2019). Voorheen vertaald als “Hoe verkrijgt men bewustzijn op hogere gebieden“.

Reageren? Graag!

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.