Alsof zij naar de zomer zoekt
die langzaam uit de bomen sterft,
fladdert een verlate vlinder
eenlings door de luisterende stilte
van deze laatste septemberzondag,
vandaag gekomen om de onmetelijke
koepel van de hemel
in zonnebundels langlicht te verbinden
met de harten van alles
wat hier leeft en loopt en kruipt en vliegt;
een dag die deinend tussen
voeten nachtkoud
handen dagwarm
de haast uit elk bewegen veegt
en het eigen hart
tot weegschaal van de wereld smeedt.
De lucht hangt stil, fris tintelend
met de aandacht van een spiegelgladde zee
waarin elk ademhalen
onderdompelen is
in nieuw geboren worden;
elk ogenblik een druppeloppervlak van rust
waarin verlangen naar een oorsprong rijpt
als warmte van binnenlicht
dat begin en einde samenbindt
tot schoven toekomstoogst.
Een gedachte over “Laatste zondag van september”
wat een schoonheid